Wat je zegt klopt niet. Het door jou aangehaalde beginsel van lex specialis derogat legi generali is in casu niet van toepassing, omdat het materiële toepassingsbereik van de door jou aangehaalde artikel in de douanewet niet uitstrekt tot onderhavige casus die wordt beheerst door de Wet open overheid.
Artikel 1:1 Adw bakent het toepassingsgebied af tot de uitvoering van het Douanewetboek van de Unie en andere Uniewetgeving, en tot verplichtingen/handhaving die betrekking hebben op douanetoezicht, douanecontrole, goederen en goederenverkeer. De Douane zelf omschrijft de reikwijdte eveneens aan de hand van artikel 1:1 en benadrukt dat de toepasselijkheid wordt begrensd door die bepaling en de bijlage.
De Wet open overheid staat ook niet eens in de bijlage.
En dat blijkt ook uit de memorie van toelichting m.b.t artikel 1:6 Adw. Zie Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 813, nr. 3, blz. 14, 30
“De voorgestelde uitzondering op de Wet modernisering elektronisch
bestuurlijk verkeer (Wmebv) heeft als doel te voorkomen dat de Belasting-
dienst en de Douane (tijdelijk) in strijd met de gemoderniseerde afdeling
2.3 Algemene wet bestuursrecht (Awb) handelen. [..]. Die moderni-
sering regelt dat een bestuursorgaan wat officiële berichten betreft de
elektronische weg niet kan verplichten en burger en bedrijf het recht
krijgen om elektronisch berichten aan het bestuursorgaan te sturen.
Daarmee blijft de hoofdregel van nevenschikking van de papieren en de
elektronische weg gehandhaafd, zij het dat deze wordt aangepast aan de
eisen van de moderne tijd. Met «officiële berichten» doelt de Wmebv op
berichten in het kader van ambtshalve of op aanvraag te nemen besluiten,
zoals aanvragen en bezwaar- en beroepschriften, en andere krachtens
wettelijk voorschrift voorgeschreven berichten. Vertaald naar het fiscale
domein gaat het dan om formeel berichtenverkeer in de zin van de Wet
elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst (Wet EBB). Daarbij kan
worden gedacht aan een aangifte of een aanslag, of een verzoek om
informatie van de inspecteur in de zin van de Algemene wet inzake
rijksbelastingen (AWR) en een voorschot in de zin van de Algemene wet
inkomensafhankelijke regelingen (Awir).”
“Een aantal van de wijzigingen van de Awb in verband met de Wmebv zijn in
strijd met het direct werkende EU-recht of ander internationaal recht. In
lijn met geldend beleid26 worden deze bepalingen dan niet van toepassing
verklaard. Dit wordt geregeld door wijzigingen van de Algemene
douanewet (Adw) en wordt in de artikelsgewijze toelichting nader
toegelicht.”
“In het eerste lid van het voorgestelde artikel 1:6 Adw worden de
artikelen 2:13, 2:21, derde lid, 2:22 en 2:23 Awb niet van toepassing
verklaard. Artikel 2:13 Awb is in strijd met artikel 9 DWU en artikelen 5 en
6 van de Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van de Commissie
van 28 juli 2015 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het
Europees Parlement en de Raad met nadere regels betreffende een aantal
bepalingen van het douanewetboek van de Unie (PbEU 2015, L 343).
Bovendien regelt artikel 2:13 Awb dat een ieder een bericht of een klacht
elektronisch aan een bestuursorgaan kan zenden. Bij bijvoorbeeld een
CPD-carnet, ATA-carnet, TIR-carnet, bewijzen van oorsprong en leveran-
ciersverklaringen is het op basis van EU- recht of ander direct werkend
internationaal recht niet mogelijk om deze elektronisch aan de inspecteur
toe te zenden.”
Ter info, voornoemde Unierechtelijke wetgeving etc bepaalt daarbij evenmin dat niet elektronisch mag worden gecommuniceerd, maar dat er een bepaalde systeem en wijze voor is, zodat dit hoe dan ook al binnen alle lidstaten uitputtend is geregeld en iedere nadere nationale bepaling die daar op enige vorm of wijze contradictionair aan is, omdat het bijvoorbeeld net iets anders is geregeld, aldus “in strijd” is met dat recht.
Kortom, de Wet open overheid en alle berichten daaromtrent, inclusief ingebrekestellingen, vallen niet onder de “officiële berichten” die volgens de wetgever uitgezonderd moesten worden ex artikel 1:6 Adw, omdat de Woo in beginsel ook helemaal geen tenuitvoerlegging is van Unierecht of ander hoger recht met betrekking tot de douane. De Woo is namelijk een op zichzelf staande nationale bepaling.
En ja, de DWU, oftewel de Douanewetboek van de Unie kent eveneens bepaalde verplichtingen en rechten toe met betrekking tot het recht op informatie omtrent de douane (artikel 12, en 14 DWU, maar deze, naast het feit dat ze een geheel andere reikwijdte kennen, doen niets af aan de Wet open overheid, zoals letterlijk woord voor woord staat in overweging 58 van voornoemde Verordening: “Deze verordening mag geen afbreuk doen aan bestaande en toekomstige voorschriften van de Unie inzake toegang tot documenten, die zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 15, lid 3, VWEU. Zij mag evenmin afbreuk doen aan het nationaal recht inzake toegang tot documenten.”
Het feit dat het Woo-verzoek zelf reeds per e-mail kon worden verstuurd getuigt er op zichzelf al van dat de hele teleologie van de wetgever m.b.t. artikel 1:6 Adw niet van toepassing is op die Woo en dus ook niet op alles wat daarmee betrekking heeft.
Alsjeblieft. Graag gedaan 