Motivering Woo 8.8 terecht bij lopend proces omgevingsvergunning?

Een Woo-verzoek is ingediend bij de provincie met als reikwijdte (dank voor de Woo-generator) voor twee adressen in dezelfde gemeente:

Informatie

Er wordt gevraagd naar documenten met documentcreatiedatum in genoemd bereik [01-01-2020 tot 16-03-2025]:

  • Interne correspondentie en gespreksverslagen (brieven, e-mails inclusief bijlagen, sms’jes en berichten via bijvoorbeeld WhatsApp, Signal, Threema of Matrix);
  • Externe correspondentie en gespreksverslagen (brieven, e-mails inclusief bijlagen, sms’jes en berichten) tussen uw overheidsinstantie en derden, inclusief maar niet beperkt tot belanghebbenden, adviesorganen en overige overheden;
  • Memo’s, notities;
  • Rapporten, adviezen;
  • Conceptversies van bovengenoemde documenten.
  • Inclusief maar niet beperkt tot milieuvergunningen en/of natuurwetvergunningen, overleg of verzoeken hiertoe, en/of conceptversies.
  • Inclusief maar niet beperkt tot AERIUS-berekeningen en/of bijlages hierbij en/of conceptversies.
  • Indien auditinformatie door “lakken” vervalt: auditinformatie, verzendlogs en/of en verzendbewijzen individueel per bijbehorende document afgedrukt en geanonimiseerd bij elk document met weergave van tijdstippen en waar geanonimiseerd genummerde ontvangers.

Voor beide adressen wordt momenteel een omgevingsvergunning doorlopen. Hierbij geldt in beide gevallen dat de wijze waarop de milieu-effecten bepaald worden en goedgekeurd zijn door de gemeente mogelijk niet in lijn zijn met de wetten en jurisprudentie geldend op het moment dat dat beoordeeld moet worden. De gevallen verschillen wel serieus qua aantallen vee, maar betreffen beiden adressen op minder dan 1 km van zeer gevoelige habitattypen.

In het besluit wordt aangegeven dat men geen document openbaart over specifiek een van de twee adressen n.a.v. dit verzoek met als motivatie:

Voor de aangetroffen informatie over gelden andere wetten en regels. Namelijk artikel 3:11 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dit volgt uit de bijlage bij artikel 8.8 van Woo. Dit artikel bepaalt dat ontwerpbesluiten en onderliggende stukken ter inzage worden gelegd, zodat belanghebbenden daar kennis van kunnen nemen en eventueel zienswijzen kunnen indienen. Uw verzoek betreft daarmee informatie die op een later moment beschikbaar komt via de wettelijk voor geschreven proces. Om deze reden wordt informatie over dit adres niet verstrekt.

Over het andere adres, dat momenteel ook in proces zit om te komen tot een omgevingsvergunning, worden wel documenten geopenbaard.

Ik kan de motivatie bij dat ene specifieke adres niet aansluiten bij mijn verwachtingen om twee redenen:

  1. De ontwerpbesluiten en onderliggende zullen mogelijk ter inzage liggen, maar ik zou niet weten waarom bijvoorbeeld geen interne correspondentie van de provincie over dit traject niet geopenbaard kan worden. Deze informatie kunnen opvragen via de Woo is toch juist het hulpmiddel voor partijen om de rechtmatigheid zelf te kunnen beoordelen? Dan zou de Woo serieus tekortschieten in het realiseren van een betere rechtsstaat.
  2. Ik kan het ook niet rijmen dat informatie over het andere adres, waar eveneens een ontwerpvergunning doorlopen wordt, wel geopenbaard wordt. Als het punt steekhoudend zou zijn, dan zouden beiden geweigerd worden.

Mijn vragen:

  • Wordt er vaker een beroep gedaan op Awb 3.11 op basis van Woo 8.8 om geen enkel documenten te openbaren als er een proces om te komen tot omgevingsvergunning doorlopen wordt?
  • Zal deze motivatie standhouden bij de rechter (omdat hij rechtmatig is) of is verstandig om hier bezwaar tegen aan te tekenen?

Artikel 8.8 Woo is altijd lastig. Dat artikel van de Woo plaatst documenten buiten bereik van Woo-verzoeken, voor maar liefst 96 ‘bijzondere informatieregimes’. Zie hier: Bijzondere openbaarmakingsregelingen | Expertisecentrum SPOON.

In die gevallen zijn andere regels dan de Woo bepalend voor de vraag of je recht hebt op informatie of niet. Het is dan zaak goed te kijken naar deze bijzondere regeling en je af te vragen:

  • is de bijzondere regeling echt van toepassing? Zo nee, dan is de Woo toch van toepassing
  • als de bijzondere regeling wel van toepassing is, is deze juist toegepast? Zo nee, dan misschien toch recht op de informatie, op basis van de bijzondere regeling. Zo ja, dan houdt het op.

Het wordt dan dus al gauw vrij specialistisch en ingewikkeld. Niet eenvoudig om 96 regelingen paraat te hebben :wink:

Wat mij in dit geval opvalt, en misschien kun je daar verder mee, is deze formulering in de Bijlage bij artikel 8.8 van de Woo: ‘de artikelen 3:11, 3:44, voor zover betrekking hebbend op de terinzagelegging van andere documenten dan beschikkingen

Dus de vraag lijkt: is artikel 8.8 hier wel van toepassing, als hier sprake is van een beschikking (een omgevingsvergunning)?

Verder dan deze lead kom ik even niet, maar in deze richting zou ik het Woo-besluit aan een inspectie onderwerpen. Succes!

Dank voor de reactie! Ik ga het voorleggen omdat in mijn verwachting niet alle stukken die geweigerd zijn betrekking hebben op een ter inzagelegging uit bijlage bij artikel 8.8 (de ter inzagelegging is al maanden geleden afgerond) dan wel tenminste aangegeven had moeten worden welke stukken wel/niet en waarom geopenbaard worden:

Algemene wet bestuursrecht: de artikelen 3:11, 3:44, voor zover betrekking hebbend op de terinzagelegging van andere documenten dan beschikkingen, 8:79, voor zover bij het bestuursorgaan berustende documenten zijn opgesteld als processtuk, …

Artikel 8.8 is interessante; had eigenlijk nooit bestudeerd anders dan in context van “politiewerk”.

Zodra er een besluit is na advies bezwaarschriftencommissie dan wel een herstelbesluit zal ik dit topic bijwerken.

1 like

Als het niet al te laat is, als het ter inzage ligt, wellicht ben je gewoon belanghebbend en wil kan je er op grond van de Awb er kennis van nemen? Op de zaak betrekking hebbende stukken zijn alleen niet openbaar, dus je mag het niet zomaar zelf publiceren. Dan krijg je de volgende keer geen vertrouwelijke stukken meer.

@cgrjys Dank voor tip! In dit geval geen belanghebbende.

Terzijde: ik heb vandaag geleerd dat naast de Woo-verzoeken en reguliere informatie-vragen belanghebbenden recht hebben om stukken te krijgen in het kader van toezicht, vergunning en/of handhaving op basis van Awb 4:7 en 4:8, 7:4 lid 2 en 3:2 / 3:4. Wat ik niet wist, is dat je blijkbaar recht hebt op bijvoorbeeld (inzage in) stukken die een zelfgeïnitieerd handhavingsverzoek betreffen dat je raakt, bijvoorbeeld een sloopbon. Je hoeft daar geen Woo-verzoek voor te doen.

Update en nette afloop

Bezwaarschrift

In de tussentijd is voor de Commissie Rechtsbescherming een bezwaarschrift ingediend. Zie verderop voor details.

Herstelbesluit

Na intern overleg heeft de provincie een herstelbesluit genomen omdat men tot de conclusie kwam dat Woo-artikel 8.8 te strikt geinterpreteerd was. Dat onderdeel van het besluit is daarmee vervallen. Een 46-tal documenten zijn hierdoor alsnog geopenbaard op 24 juli 2025.

Waardering

Ben erg tevreden over de nette, accurate en transparante afhandeling. Elk telefonisch overleg was netjes en oplossingsgericht.

In 1x goed is nog mooier, maar voornaamste is dat je samen het proces leert.

Motivaties

Het bezwaarschrift bevatte als motivaties tegen de wijze waarop 8.8 toegepast was:

  • Geen onderliggende lijst van stukken verstrekt waarvoor deze uitzondering toegepast is: artikel 8.8 spreekt over “informatie”, niet over “documenten”. Categorische documentweigering is disproportioneel.
  • Lakken had moeten gebeuren per informatie-element zoals alinea en niet via integrale weigering.
  • Het is niet herleidbaar uit het besluit op basis van welke terinzagelegging onder welk bestuursorgaan de afwijzing plaats heeft gevonden. Dit maakt een rechterlijke toetsing zonder nadere toelichting onhaalbaar.
  • De terinzagelegging van de omgevingsvergunning is reeds geruime tijd afgerond als de reden in de gemeente ligt waar de locatie zich bevindt, wat toepassing van artikel 8.8 in de weg kan staan: de bezwaartermijn is gestart op DATUM en was 6 weken. Binnen de bezwaarschriftenprocedure heeft de commissie schriftelijk bevestigd dat er geen stukken ter inzage liggen.
  • Aangezien voor ander adres in dezelfde gemeente wél documenten zijn verstrekt in een soortgelijke (bezwaar)fase qua omgevingsvergunning, rijst de vraag waarom dit niet ook mogelijk is voor het betreffende adres.

Verwarring

Een deel van de motivaties had betrekking over verwarring onder welk orgaan de stukken ter inzage zouden liggen. Zie bijvoorbeeld Hoe in drie dagen honderden bomen verdwenen uit het Bos van Los - NRC over de verwarring die kan ontstaan doordat vooral onder de omgevingsvergunning het werk nu opgesplitst is tussen meerdere organen zonder duidelijke volgordelijkheid. Uiteindelijk bleek het om stukken te gaan enkel onder de provincie.

Reflectie artikel 8.8

Om de beleidsvorming te ondersteunen was de volgende reflectie opgenomen:

Definitie

Artikel 8.8 Woo luidt [2]:

De artikelen 3.1, 3.3, 4.1, 5.1, eerste, tweede en vijfde lid, en 5.2 zijn niet van toepassing op informatie waarvoor een bepaling geldt die is opgenomen in de bijlage bij deze wet.

Intentie

In de MvT van de Woo over artikel 8.8 [3] en [5] staan geen bijzondere opmerkingen over de bedoelingen van de wetgever, anders dan dat het anders dan niet-opnemen jurisprudentie vanuit Wob in de Woo bij artikel 8.8 wel feitelijk de opgedane kennis overgenomen wordt uit de Wob. Ook staat er vermeld dat gevolgen van niet-van-toepassing verklaren bedoeld zijn.

Relevantie

In “Woo niet van toepassing” van het besluit wordt verwezen naar artikel 3:11 Awb. Dit artikel 3:11 is inderdaad uitgesloten specifiek in de volgende situatie:

Algemene wet bestuursrecht: de artikelen 3:11, 3:44, voor zover betrekking hebbend op de terinzagelegging van andere documenten dan beschikkingen, 8:79, …

Het dient dus te gaan om informatie die betrekking heeft op de terinzageinlegging van niet-beschikkingen. Het woord “informatie” is verder uitgediept in de volgende sectie.

Uit de integrale afwijzing is niet te distilleren of het gaat om ter inzag legging voor de provincie waar het Woo-verzoek is ingediend of een derde, zoals de gemeente van locatie. Het is verzoeker bekend dat er zowel een bezwaar speelt bij de gemeente van locatie tegen een verleende omgevingsvergunning op locatie, maar ook dat een intrekkingsverzoek is ingediend bij de provincie.

De wetgever heeft in artikel 4.2 Woo bewust de moeite gedaan om doorverwijzing expliciet te regelen en deze doorverwijzing is niet in artikel 8.8 expliciet opgenomen. Mogelijk is het de bedoeling van de wetgever geweest om uitsluitend te kijken naar niet-beschikkingen van de provincie zelf. Dit is een afweging waar verzoeker geen mening over heeft, en een advies in deze is welkom.

Mocht het blikveld enkel het betrokken orgaan zijn, dan kan dat vervelend zijn: Nederland kent veel bestuursorganen die soms intensief samenwerken, maar wel elk individueel formeel zelfstandig besluiten nemen, waardoor dit de weg zou openen voor Woo-verzoekers om informatie (in lijn met Woo 4.2) bij meerdere organen op te vragen en zo toch artikel 8.8 m.b.t. Awb 3:11 bewust of per abuis kunnen ontwijken. Denk bijvoorbeeld aan een omgevingsdienst versus gemeente. Mocht dit NIET de interpretatie zijn, dan zou er een mechanisme moeten zijn waarmee het behandelend orgaan weet bij welke andere bestuursorganen mogelijkerwijs niet-beschikkingen ter inzage gelegd kunnen zijn die gebaseerd zijn op de gevraagde informatie.

Bijkomende uitdagingen zijn:

  • Indien langdurige terinzagelegging als ontwijking wordt ingezet, verdwijnt de balans die art. 8.8 beoogt.
  • Sommige bestuursorganen leggen de ter inzage legging beperkt uit [4]. Denk bijvoorbeeld aan (omvangrijke) stukken erg laat, en/of enkel fysiek ter inzage leggen worden ondanks de Wep met beperkte openingstijden en/of op een locatie ver van het plangebied (Merk op dat de Wep mogelijk niet volledig verwerkt is in de Woo vanwege de latere ingangsdatum.)

Helaas blijken de stukken vaak lastig tot simpelweg praktisch niet raadpleegbaar daardoor (evenals agenda’s van bezwaarschriftencommissies die moeilijk of niet vindbaar zijn). Dit is niet in lijn met de geest van de wet, maar wel staande praktijk waarbij de bezwaarfase en rechterlijke fase veelal niet kwantitatief geanalyseerd kunnen worden op kwaliteit van het proces omdat zowel organen als de rechtspraak maar kleine delen openbaar maken.

Enfin, er zijn momenteel veel hindernissen indien Awb 3:11 van toepassing is voor zover een leek dat kan overzien.

De Woo wordt gebruikt om ook Aarhus nationaal te implementeren. Naar aanleiding van een bemiddeling tussen FTM, NRC en Omroep Gelderland enerzijds en LNNV heeft ACOI hier op 19 mei een advies over gepubliceerd (tekst pagina 1):

Het advies is in de kern vrij simpel: de wet biedt geen ruimte om de emissiegegevens niet te openbaren. Zelfs een zienswijzenprocedure is in dezen niet nodig. De wetgever is namelijk heel duidelijk over het belang van openbaarheid van emissiegegevens: deze zijn zo belangrijk dat er geen belangenafweging mogelijk is, het belang van openbaarheid prevaleert altijd.

Gezien afdekking van zowel nationale als Europese regels zijn er suggesties die nationaal bepaald kunnen worden en Europese afspraken. Enkele suggesties om de geest zoveel mogelijk te realiseren:

  • Suggestie: enkel een eenregelige motivering dat informatie onderdeel is van een terinzagelegging van een niet-beschikking is niet controleerbaar. Suggestie is om dit per informatie-element controleerbaar te maken door de betrokken zaak te vermelden en het bestuursorgaan, en eventueel de locatie van digitale terinzagelegging of “enkel op locatie”, met verstrijkingsdatum terinzagelegging.
  • Suggestie: indien sprake is van milieu-informatie is suggestie om in lijn met recent ACOI-advies artikel 8.8 nooit van toepassing te verklaren.
  • Suggestie: laat het eigen bestuursorgaan op basis van artikel 3:11 vermelden in het Woo-besluit waar de stukken ter inzage liggen, eventueel waar digitaal, en tot wanneer bij het eigen orgaan. Voor andere bestuursorganen: vraag deze broninformatie op en verwerk die in het Woo-besluit, in lijn met artikel 4.2. Mocht een ander bestuursorgaan de terinzagelegging niet uitvoeren in lijn met de wet zoals Wep, interpreteer de documenten dan als zijnde niet terinzage gelegd.
  • Suggestie: een bron van zorg is het bereiken van voldoende nauwkeurigheid om artikel 8.8 ook toe te passen indien de behandelend jurist/team niet kan weten dat de informatie onderdeel is van een terinzageinlegging bij een ander orgaan. Artikel 8.8 komt weinig voor buiten politie/douane voor zover bekend en de nummering geeft al aan dat het een “nabrander” of “veegwagen” is, die mogelijk verder moet rijpen. Suggestie is om voorlopig de professionele beoordeling aan de jurist en reviewers te laten. Omdat de stukken uiteindelijk toch altijd Woo-baar worden kan dit onder omstandigheden leiden tot het incidenteel te vroeg openbaren van stukken die sowieso later geopenbaard zouden kunnen worden. Met de ingang van de actieve publicatie uit nieuwe informatiecategorieen in 2026 (gepland) is dit sowieso een tijdelijk probleem.

Gebruikte Term: informatie

Er is sprake van “informatie” in artikel 8.8.

In de Woo is hiervan geen definitie te vinden, maar wel de toelichting dat informatie neergelegd kan zijn in documenten (artikel 3.1). Met “informatie” wordt dus klaarblijkelijk iets anders beschreven dan met “documenten”. “Publieke informatie” en “milieu-informatie” zijn wel specifiek gedefinieerd in artikel 2.1, waarbij de eerste weer verwijst naar “informatie” en de laatste via artikel 19.1a Wet miliebeheer ook. In de MvT wordt “informatie” niet verder toegelicht, anders dan al in de wettekst.

Het specifieke verzoek ziet (deels) op Aarhus, maar in de overeenkomst van Aarhus is het woord “informatie” niet verder geduidt. Uit de context van artikel 2:3 Aarhus valt af te leiden dat het gaat om gegevens, niet enkel als documenten, maar ook informatie in ruwe en onverwerkte vorm:

It is also important to distinguish between documents and information. The Convention guarantees access to information. The “material form” language is not meant to restrict the definition of environmental information to finished products or other documentation as that may be formally understood. Information in raw and unprocessed form is obtainable as well as documents (pagina 35, [1]).

Ook hier blijkt weer uit dat “informatie” iets anders is dan “documenten”.

In de Van Dale is een definitie te vinden:

in·for·ma·tie (de; v; meervoud: informaties)
1 inlichtingen, gegevens waardoor je meer over iets te weten komt
2 (politiek) onderzoek door een informateur naar de mogelijkheden voor een kabinetsformatie: de informatie vordert langzaam

Ook hier komt het element “gegevens” weer naar voren, waar je iets mee te weten komt over een onderwerp, en dat staat los van “document”.

Daarom de volgende suggestie:

  • Suggestie: de wetgever heeft specifiek aangegeven dat het gaat om informatie en niet om documenten. Het weigeren van alle documenten evenals het niet-verstrekken van een lijst, omdat alle informatie onder 8.8 zou vallen lijkt onredelijk en zal mogelijk niet standhouden bij de rechter. Beter zou zijn om voor alle relevante documenten binnen de reikwijdte per alinea te beoordelen of de informatie onderdeel vormt van een terinzageinlegging van een niet-beschikking. Een dergelijke beoordeling zou m.i. ook voorzien moeten zijn van informatie over bij welke ZBO en welke inzageinlegging het gaat t.b.v. de controleerbaarheid, zoals bijvoorbeeld “Gem. naam, bezwaar omgevingsvergunning KENMERK”.

met bronnen:

Verzoeken

De volgende verzoeken waren gedaan:

Verzoek: Geef per document aan of deze onder artikel 8.8 valt en motiveer waarom op documentniveau integraal geweigerd kan worden in plaats per alinea indien er sprake is van integraal geweigerde documenten. Lak rest per alinea gemotiveerd. Vermeld bij toepassing 8.8 welke terinzagelegging hierop betrekking onder vermelding van bestuursorgaan en duidelijk kenmerk zoals CORSA-nummer of proces. Hanteer voor milieu-informatie geen toepassing van artikel 8.8 in lijn met ACOI-advies.
Verzoek, voor eventueel herstelbesluit: los te behandelen van bovenstaand verzoek, zodat de commissie los haar advies kan uitbrengen. Als de terinzagelegging afgerond is, zoals door hoorzitting bezwaarschriftencommissie op 20 mei 2025, maak dan een apart deelbesluit en stel de verzending van de documenten uit tot het verstrijken van de terinzagelegging (er van uit gaande dat dit over gemeente locatie gaat, dit is niet herleidbaar zoals beschreven in bovenstaande bullet 3). Dit vermijdt ook dat Woo-verzoekers via een andere entiteit of persoon een nieuw verzoek moeten indienen als ze geen zin hebben om te wachten op afronding van een bezwaarschriftenprocedure (ex nunc).

Het ACOI-advies betreft: